De derderangs flutorganisatie van Dana White

0
505
Foto: Andrius Petrucenia CC BY-SA 2.0

UFC-directeur Dana White heeft het niet makkelijk. Al jaren leidt hij een organisatie met bijna alleen maar flutvechters die nog geen deuk in een pakje boter kunnen slaan. Als ze überhaupt al willen slaan!

Neem weltergewichtkampioen Tyron Woodley. “Hij wil nooit vechten”, zegt White. “Je wil een wereldkampioen zijn, maar je wil nooit tegen iemand vechten. Dat is een probleem.”

Wat dat betreft zit het de arme White niet mee in die divisie. UFC-legende (maar ach, wat zegt dat eigenlijk?) Georges St-Pierre had dezelfde houding tegenover vechten. Nadat hij in zijn titelgevecht Johny Hendricks na een verdeelde beslissing had verslagen, gaf hij aan een tijdje met pensioen te willen. White kraakte hem vervolgens af op de persconferentie, noemde hem de verliezer en zou hem dwingen tot een rematch.

Dat lukte White niet helemaal, maar St-Pierre laat sinds anderhalf jaar zien dat hij weer wil vechten. Hij veroverde zelfs de middengewichttitel tegen Michael Bisping. Historisch? Neuh. Makkelijk scoren noemt White dat. En om die reden wil hij St-Pierre dan ook niet meer laten vechten om een titel. De UFC is geen liefdadigheidsorganisatie natuurlijk.

Een andere legende die White ook nooit een kampioensgordel gunde? Fedor. Waarom niet? “Fedor sucks”, zei de vechtpromotor. “Fedor staat niet eens in de top vijf zwaargewichten, laat staan in de ‘pond-voor-pond’. Ik wil hem niet in de UFC.”

Na alle nare ervaringen met halfgare vechters als de saaie Nate Diaz (‘Die trekt geen kijkers’), de bange Demetrious Johnson (‘Hij had voor het eerst een gevecht op pay-per-view gehad!’) en de gebroken Francis Ngannou (‘Hij heeft een veel te groot ego.’) is het niet zo gek dat de UFC-president huiverig is.

Waar vindt hij in vredesnaam goede vechters? Sowieso niet bij de vrouwen. Vrouwelijke vechters? Kom nou! Gestoord. De wereld op zijn kop. Dat zou White nooit toelaten, zei hij in 2011. Het zit hem niet mee. Des te knapper is het dat hij ondanks dat enorme gebrek aan vechttalent toch een miljardenbedrijf weet op te zetten. Dat White niet in hetzelfde rijtje als Bill Gates en Steve Jobs wordt genoemd, is dan ook een groot raadsel.

Want ook buiten de octagon zit de UFC vol met onsympathieke lui. Neem Jacob Stitch Duran, de gerespecteerde “cutman” die de vechters tussen de rondes door oplapte. Toen Duran na jarenlange trouwe dienst bij het grofvuil werd gezet, durfde hij White nog af te zeiken door te zeggen dat hij wel een telefoontje had verwacht van de man die hij als vriend zag.

“Duran moet maar eens leren wat vriend betekent”, zei White. “Hij en ik waren nooit vrienden. We waren collega’s. We waren geen vrienden. Nooit. Hij had geen telefoontje van mij moeten verwachten.”

Roddel en achterklap, keiharde leugens, mensen die hem afzeiken en dan ook nog eens moeten werken met amateuristische vechters die alleen maar zeuren. White heeft het zwaarste beroep ter wereld.

Gelukkig zijn er ook lichtpuntjes. Wat te denken van de beste zwaargewicht aller tijden? Brock Lesnar. Een wonder van moeder natuur die van worstelaar is uitgegroeid tot een van de meest veelzijdige vechters ooit in de historie van de geschiedenis. Of Ronda Rou… Uh…

Sorry, op een gegeven moment komt de bullshit je gewoon de oren uit. Gelukkig hebben we de citaten nog.